blog

praktijkverhalen

Leven en dood dichbij

Mensen vragen me vaak of uitvaartbegeleider geen heel somber beroep is.
Ik vind mijn werk vooral heel inspirerend. Sommige families begeleid ik al tien jaar, en zij delen hun wel en wee met mij. Een afscheid kan ook een viering zijn, van het leven en de liefde die mensen hebben gedeeld. En soms liggen leven en dood heel dichtbij elkaar.
Deze zomer begeleidde ik de uitvaart van een man van in de tachtig, die na een lang ziekbed thuis was overleden. Hij liet een echtgenote achter. Zijn dochter was hoogzwanger en had al een zoontje van twee. Precies op de dag dat haar vader overleed was zij uitgerekend.

Haar moeder had gevraagd om iemand die goed met kinderen kon omgaan. Want haar dochter en haar man wilden hun zoontje bij de uitvaart betrekken, en konden daar wel wat hulp bij gebruiken. Vader leefde in een hechte gemeenschap. Toen hij uit huis werd gedragen stond de straat vol mensen die hem wilden uitzwaaien. Ik liet iedereen een erehaag vormen waar de auto door kon rijden. Het is altijd een zwaar moment als iemand uit huis gaat. Maar het kleinkind liep er ook bij. Opeens draaide hij zich om en riep enthousiast: hé, een hond! Hij ging dat hondje aaien, en iedereen moest lachen. Het was mooi hoe de emotie even werd doorbroken.

Het was duidelijk dat de bevalling zich aankondigde.

We reserveerden een dag in het crematorium. Doe maar zo snel mogelijk, zei de dochter, want ik kan elk moment bevallen. Drie dagen later ontmoette ik haar voor de deur van het crematorium. Het rommelt een beetje in mijn buik zei ze, het zal de spanning wel zijn. Terwijl ik de aula gereed maakte, liep ik af en toe even naar de familiekamer. Ik zag dat ze onrustig werd. De uitdrukking op haar gezicht was veranderd, en ze zat onderuitgezakt. Bij mij gingen de alarmbellen af. Ik haalde wat te drinken voor haar. Ze voelde zich niet zo lekker, zei ze. Het was duidelijk dat de bevalling zich had aangekondigd. Maar ik zei niets, want zodra je iets benoemt, is het er ook. Ik dacht: zolang zij zich nog kan focussen op het afscheid, hebben we misschien net genoeg tijd?

Ik vroeg de aulamedewerker: wil je een rolstoel klaarzetten met een matrasje er in? Want straks breken de vliezen misschien. Ik zag haar rondlopen, dat herkende ik. Als je pijn krijgt door de weeën, wil je het liefst blijven bewegen. Weest gerust, zei ik, ik hou je wel in de gaten. Als ik zie dat er wat verandert bij jou, kort ik ter plekke de dienst subtiel in. Al mijn collega's zijn op de hoogte en kunnen je snel meenemen, als het moet. Maak je geen zorgen.

Het was een grote uitvaart, met meer dan 200 mensen. Tijdens mijn toespraak hield ik voortdurend oogcontact met haar. Ze begon steeds meer heen en weer te bewegen. Ik dacht: ik neem geen risico, ik ga de dienst inkrimpen. Want het is belangrijk dat de tijd dat zij erbij is, goed is. Ze zou spreken, maar dat lukte niet meer, dat heb ik voor haar gedaan.

Bij een uitvaart moet je op alles voorbereid zijn.

In de condoleanceruimte had ik voor haar een hoekje gereserveerd met een hoge kruk, waar ze makkelijk op kon leunen. Ik zei: jij weet het best wat je voelt, geef maar aan wanneer het voor jou tijd is om te gaan. De condoleance redde ze nog net, maar daarna hebben ze snel thuis de spullen gepakt en zijn naar het ziekenhuis gereden. Om 6:00 uur was de condoleance afgelopen, en om 8:00 uur was het kind geboren. Ik kreeg meteen een appje, met een foto erbij. Ik was ontroerd. Wow, wanneer komt dit nou voor? Het was indrukwekkend, om te zien hoe het leven weer doorgaat, en hoe dicht blijdschap en verdriet bij elkaar liggen. Op de dag dat de echtgenote afscheid nam van haar man, werd ze ook oma van een prachtig jongetje.

Een week later ben ik nog even bij haar langs gegaan, om de uitvaart na te bespreken. Ze was blij dat het bij de uitvaart allemaal zo subtiel was opgelost, en dat iedereen waardig afscheid had kunnen nemen. Daar draait het om voor mij: je moet op alles voorbereid zijn.